Werkomstandigheden NICU verpleegkundigen mede-bepalend voor percentage borstvoeding

Zou het werkelijk zo simpel zijn? Het is een Amerikaans onderzoek en ik kan me voorstellen dat de werkomstandigheden voor verpleegkundigen daar slechter zijn dan in onze contreien, vooral wat betreft langere shifts en slechtere secundaire arbeidsvoorwaarden. Toch zou een herhaald onderzoek in Nederland en Vlaanderen interessant kunnen zijn. Het zou een aanwijzing kunnen geven dat bezuinigingen in de zorg op den lange duur averechts gaan werken, omdat al wel is aangetoond dat de zorgkosten stijgen naarmate de cijfers voor borstvoeding initiatie, exclusiviteit en totale duur dalen.

A study concludes when NICU nurses have better work environments and higher education levels, more babies are discharged on breast milk: Study: Nurses’ work environment affects rate of babies discharged from NICU on breast milk. Oorpronkelijke studie: Int J Nurs Stud. 2016 Jan;53:190-203. doi: 10.1016/j.ijnurstu.2015.09.016. Epub 2015 Oct 9.

2015 herzien

De statistieken hulpaapjes van WordPress.com heeft een 2015 jaarlijks rapport voor deze blog voorbereid. Hier is een fragment:

Het Louvre Museum heeft 8,5 miljoen bezoekers per jaar. Deze blog werd in 2015 ongeveer 120.000 keer bekeken. Als je blog een tentoonstelling in het Louvre Museum zou zijn, zou het ongeveer 5 dagen duren voordat zoveel mensen het zouden zien.

Klik hier om het complete rapport te bekijken.

Balans

De eerste dag van een nieuw jaar is balansdag. De voorraad wordt geteld en van een financiële waarde voorzien. Dat is nodig voor de belastingaangifte over 2015. Afgezet tegen de balans van precies een jaar eerder geeft het het vermogen in natura van een onderneming aan. Het is duidelijk een ”balans opmaken”: heb ik nu meer dan een jaar geleden of minder? De uitkomst daarvan kan voor een flink deel afhangen van de vraag of je vlak voor het einde van het jaar nog veel voorraad hebt aangeschaft of juist aan het uitverkopen was. De balans kan dus wel degelijk worden beïnvloed.

fruitbordje2Balansdag is ook een term die wordt gebruikt door diëtisten en bijvoorbeeld het voedingscentrum. Het betekent dat je een karige dag inlast na een overvloedige dag om zo de balans terug te vinden in je voedsel-, meer bepaald je calorieëninname. Op die manier kun je zorgen dat je voedselinname aan het einde van de week gemiddeld genomen in evenwicht was.

balansBalans is goed; evenwicht verbindt tegenstellingen met elkaar en zorgt dat alles in perspectief komt. Geen donker zonder licht, geen vreugde zonder verdriet. En zo. Evenwicht is ook een gevoelig iets. Een klein verschil in nadruk kan de balans al in gevaar brengen. Zelfs een verschil in perceptie kan het evenwicht al verstoren. Balans is meestal geen statisch gegeven, maar iets waarnaar je voortdurend moet blijven zoeken. Sommige mensen zijn daar heel erg goed in, zoals deze balans kunstenares:

Leven als moeder van een baby kan, vooral in de vroege dagen, weken en maanden, sterk op zo’n kunststukje lijken. De nieuwe manier waarop je lijf aanvoelt (je voelt spieren waarvan je niet wist dat je ze had), het leren kennen van je kind (een heel nieuw en individueel mens), zijn taal en zijn behoeftes (zo anders dan je had verwacht afgaande op boeken, tijdschriften sociale media), de nieuwe vorm die je relatie met je partner krijgt (je bent nu behalve minnaars ook co-ouders, echte volwassen verantwoordelijkheden komen erbij), je eigen veranderende behoeften en prioriteiten (was het wereldnieuws ooit zo oninteressant?). Telkens andere veren en twijgen en takken komen erbij, moeten worden toegevoegd in het tere stelsel en het precaire evenwicht.

Een sleutelwoord is concentratie, focus. Kijk naar het filmpje en zie hoe volledig de kunstenares zich focust op wat zij doet, zonder zich te laten afleiden door het toneel de lichten, de geluiden of het publiek. Zij heeft een plan en dat volgt ze. Ouders van jonge kinderen kunnen daar een voorbeeld aan nemen. Maak een plan (zorg vooraf voor brede, goede, juiste en up-to-date informatie uit betrouwbare bronnen), oefen dat en maak aanpassingen (neem alle info in je op, verwerk die logisch met je hersenen en laat dan je hart ernaar kijken of het bij je past en of het goed voelt). Als je kind er dan is, ga dan aan de gang op de manier die je had gepland en geoefend. Focus daarop en laat je niet van de wijs brengen door omstanders die van alles gaan roeptoeteren. Mocht het toch niet uitwerken zoals je had gedacht en je tere bouwsel valt in duigen, ga dan niet bij de pakken neerzitten, maar kijk waar het fout ging en hoe je dat kunt oplossen. Misschien heb je meer info nodig, klopte je info niet of heb je een leraar nodig. Evalueer, pas aan en begin opnieuw. Dat geeft niet, dat mag. Het maakt je niet slechter om te struikelen en weer op te staan. Het is een teken van kracht.

Misschien blijkt dat dit niet jouw ding is, dat je het niet voor mekaar krijgt op de manier die je had voorgenomen. Ook dat is niet erg, geen falen en geen schande. Dat gebeurt gewoon. Krabbel weer op, maak een nieuw pan en ga weer verder. Op een aangepaste manier, anders dan je eerst had gedacht, maar evengoed ga je verder. Ook dat is geen falen, geen zwakheid, maar een teken van kracht, van veerkracht.

Ik wens jou, nieuwe moeder en ook je partner, een veerkrachtig 2016 toe.

balans1Titelfoto: Precaire balans

(c) 2016 cga v veldhuizen-staas

Borstvoeding, vruchtbaarheid en seksualiteit    

Gonneke van Veldhuizen-Staas, IBCLC © 2016 Seksualiteit

Met de geboorte van een kind worden ook een vader en een moeder geboren. Vooral de geboorte van een eerste kind veroorzaakt een grote verandering in de relatie van de ouders. Waren ze eerst alleen huwelijkspartners, nu zijn ze daarnaast ook ouders van een kind. Na de bevalling kijken man en vrouw beiden anders naar het lichaam van de vrouw. Het heeft immers nu een kind gedragen en gebaard. De vulva en vagina, die eerst alleen bedoeld leken voor de seksuele relatie, zijn nu daarnaast baringskanaal geworden. De borsten, die in onze samenleving over het algemeen vooral als seksueel orgaan worden gezien, blijken nu een belangrijke rol te spelen bij de voeding en koestering van het kind.

Veranderde relatie

De ouders zullen moeten wennen aan hun nieuwe rol als vader en moeder naast die van seksuele partners. Voor de partner kan het een vreemd idee zijn te vrijen met een moeder. De moeder kan door de hele dag al met de baby bezig te zijn, het gevoel hebben wel genoeg geknuffeld te hebben en aangeraakt te zijn. Zij kan er moeite mee hebben zichzelf te zien als moeder en als minnares. Na verloop van tijd zal het eenvoudiger worden beide rollen in zichzelf te verenigen. Veel vrouwen merken dat dit proces makkelijker verloopt als zij er met hun partner over kunnen praten. Ook voor de partner is het belangrijk om zijn of haar gevoelens te uiten. Onuitgesproken gevoelens, problemen, twijfels, kunnen tot misverstanden leiden. Dit soort misverstanden kan het herstel van een gezonde seksuele relatie in de weg staan.

Zorg voor de baby

De seksuele beleving wordt naast de verandering in rollen ook beïnvloed door vermoeidheid van de moeder na de inspanning van een zwangerschap en een baring en door het moeder zijn van een jonge baby. Veel vrouwen voelen een verminderde behoefte aan actieve seksualiteit, maar wel een verhoogde behoefte aan nabijheid en tederheid. Andere vrouwen merken juist dat zij na de bevalling meer zin in seks hebben.

Hormonen

De verandering in de hormoonhuishouding na de bevalling en tijdens de periode van borstvoeding veroorzaakt ook veranderingen in de beleving van de seksualiteit. Tijdens de periode van borstvoeding geven is de afgifte van het hormoon oestrogeen laag. Dit kan vaginale droogte veroorzaken, waardoor gemeenschap pijnlijk kan zijn. Veel vrouwen merken dat het litteken van een uitscheuring of een knip nog lange tijd na de uiterlijke genezing pijn bij het vrijen kan veroorzaken. Voor deze problemen kan het gebruik van een glijmiddel een oplossing zijn.

Borsten

De rol van de borsten kan in deze periode een extra bron van verwarring zijn. Het hormoon oxytocine zorgt voor het samentrekken van de baarmoeder tijdens de baring en bij een orgasme. Het zorgt ook voor het toeschieten van de melk. Als tijdens het vrijen de borsten worden geliefkoosd of als de vrouw een orgasme heeft, kan spontaan de melk beginnen te stromen. Voor sommige paren kan dit een bron van extra vermaak zijn, maar voor anderen een bron van schaamte of ongemak. Dit kan remmend werken op de seksuele beleving. Sommige moeders of hun partners zullen merken dat zij een zekere schroom hebben om de borsten nu bij het liefdesspel te betrekken. Dit komt door de gevoelde verwarring tussen de moederrol en de rol van seksueel partner. Soms kunnen ook tijdens het voeden gevoelens ontstaan die een vrouw aan seksuele opwinding doen denken. Voor veel vrouwen is dit een onacceptabele gedachte, waardoor zij liever gedurende de borstvoeding periode de borsten niet in relatie brengen met seksualiteit.

Maatschappij

Vrouwen kunnen zich onzeker voelen over hun uiterlijk als zij borstvoeding geven. In de westerse samenleving ligt er een grote nadruk op het belang van het uiterlijk voor het gevoel van eigenwaarde. De media en de modewereld scheppen een ideaalbeeld van een zeer jeugdig, zeer slank en gespierd lichaam met volle, maar toch meisjesachtige, stevige borsten. Tijdens de zwangerschap verandert het figuur en tijdens de borstvoeding periode zijn de borsten anders van vorm en grootte. Na de bevalling is de buik een tijdlang niet langer strak en glad en na de eerste maanden van borstvoeden worden de borsten zachter en vaak wat slapper. Moeders kunnen daardoor bang zijn dat zij voor hun partner niet meer aantrekkelijk zijn.

Veranderd zelfbewustzijn

Aan de andere kant kunnen vrouwen zich ook realiseren dat zwangerschap, bevalling en borstvoeding hen in een volgende fase van hun leven brengt. Hun lichaam is in de meest vrouwelijke en functionele staat. Veel partners blijken, soms tot hun eigen verrassing, deze lichaamsvorm extra aantrekkelijk te vinden. Het aanvaarden van de verandering van hun lichaam als een positieve zaak, zal het omgaan met de verandering van levensfase soepeler laten verlopen. Het kan dan een nieuwe bron van trots op het eigen kunnen en het eigen lichaam zijn voor de vrouw.

Vruchtbaarheid

Borstvoeding geven is een onderdeel van de vrouwelijke vruchtbaarheidscyclus. Deze cyclus bestaat uit eisprong, bevruchting, zwangerschap, baring en borstvoeding. Na de periode van volledige borstvoeding gaat het lichaam geleidelijk terug naar de staat waarin een eisprong (ovulatie) kan optreden en de cyclus weer begint. Rond de ovulatie begint de baarmoeder zich voor te bereiden op het opnemen van een bevrucht eitje. Het baarmoeder slijmvlies groeit en wordt dikker. Er komen flinke plooien in, waarin een eitje zich goed kan hechten. Als het eitje dat tijdens de ovulatie rijpte en losliet niet wordt bevrucht, volgt een menstruatie. De voorbereidingen voor de bevruchting worden dan weer afgebroken. Het slijmvlies krimpt weer en de restanten worden uitgescheiden in de vorm van de menstruatie. De baarmoeder blijft dan schoon en opgeruimd achter voor de volgende ovulatie. Meestal wordt de terugkeer van de vruchtbaarheid na een bevalling voorafgegaan door een menstruatie, maar de eerste ovulatie kan ook direct aansluiten op de periode van borstvoeding geven.

Cyclus

De vrouwelijke cyclus wordt begeleid en gestuurd door hormonen, elke fase zijn eigen hormonenmix. Deze hormonen werken elkaar vaak tegen. Het hormoon prolactine is verantwoordelijk voor de aanmaak van melk en dus voor het onderhouden van de borstvoeding. Het verhindert de terugkeer van de vruchtbaarheid. Dit blijft meestal zo zolang de vrouw volledig borstvoeding geeft. De werking van prolactine tegen hernieuwde vruchtbaarheid is het sterkst wanneer de voedingen niet meer dan vier uur uit elkaar liggen en er ook ’s nachts wordt gevoed. Nabijheid van moeder en kind gedurende het grootste deel van het etmaal versterkt de rol van prolactine nog meer. Wanneer de voedingen meer uit elkaar komen, als de nachtvoedingen vervallen of als er voedingen door ander voedsel worden vervangen, zal de vruchtbaarheid vroeger of later weer terugkeren. De invloed van het hormoon prolactine neemt af en van oestrogeen neemt toe. Dit zorgt voor de terugkeer van de vruchtbaarheid. Veel vrouwen merken dat zij een soort waarschuwingsbloeding krijgen, die nog niet helemaal een echte menstruatie is. Anderen ervaren wat menstruatieachtige kramp in de baarmoeder. Veel vrouwen rapporteren ook dat hun kind bezwaar maakt tegen het drinken aan de borst. Dit is een veel voorkomend verschijnsel in de dagen vlak voor de menstruatie. De melk smaakt dan vaak wat zouter doordat ze wat geconcentreerder is. De melk is geconcentreerder doordat de productie tijdelijk wat terugloopt. Dit wordt veroorzaakt door het hormoon oestrogeen. Als de menstruatie doorbreekt, zullen de productie en de smaak weer normaal worden. Doorgaan met borstvoeding geven en wat vaker aanleggen tijdens deze dagen zal het terugkomen van de normale melkproductie vergemakkelijken.

De invloed van borstvoeding op de vruchtbaarheid

In grote delen van de wereld is het geven van borstvoeding de meest gebruikte en ook de betrouwbaarste methode om de tijd tussen kinderen te spreiden. De vruchtbaarheid keert vaak pas na twee jaar terug. Meer tijd tussen opeenvolgende zwangerschappen is beter voor de gezondheid van de moeder. Het geeft haar lichaam de tijd om na de zwangerschap weer goed op krachten te komen. Het feit dat zij in de tussentijd ook nauwelijks menstrueert draagt bij aan het voorkomen van ijzertekort en daardoor bloedarmoede. In onze samenleving worden vrouwen meestal veel eerder na een bevalling weer vruchtbaar. Borstvoeding als middel voor gezinsplanning wordt daarom vaak als minder betrouwbaar gezien. De oorzaak voor de snellere terugkeer van de vruchtbaarheid ligt voor een groot deel in de manier van borstvoeding geven. Een andere belangrijke factor is de rijkere voeding met veel eiwitten. De manier van borstvoeding geven die een aantoonbaar remmende werking heeft op de terugkeer van de vruchtbaarheid is een natuurlijke manier van moederen, waarbij moeder en kind zoveel mogelijk dicht bij elkaar zijn en de baby volledig op verzoek wordt gevoed. Dit betekent dat het kind toegang heeft tot de borst bij het kleinste signaal dat hij dat zou willen of nodig hebben, waarbij niet op huilen wordt gewacht. De dichte nabijheid en vaak voeden beginnen direct na de geboorte van het kind en het duurt tot het kind zelf geleidelijk aan steeds meer en steeds verder van zijn moeder weg gaat. De baby wordt in een draagdoek gedragen of slaapt dichtbij zijn moeder in de buurt. ’s Nachts slaapt de baby bij de moeder in bed of in een bedje direct naast het bed van de moeder. De moeder leert door dit voortdurende en nauwe contact heel goed de ongesproken taal van haar kind begrijpen en kan er direct op reageren. De baby hoeft niet te wachten als hij honger of dorst heeft of moe wordt. De moeder hoeft zich geen zorgen te maken of haar kind wel rustig slaapt, veilig is en zich niet eenzaam of verdrietig voelt.

Nabijheid en afbouwen

De dichte lichamelijke nabijheid en het vaak voeden zorgen voor veel prolactine bij de moeder en daardoor een ruime melkproductie en een goed groeiend en zo gezond mogelijk kind. Veel bij zijn moeder zijn, weten dat zij er altijd is en altijd direct krijgen wat hij nodig heeft, leggen bij een kind een goede basis voor een gezonde en evenwichtige emotionele ontwikkeling. Voor de moeder resulteert de hoge hoeveelheid prolactine in het langer uitblijven van de menstruatie en de vruchtbaarheid. Haar lichaam kan zo nieuwe reserves opbouwen voor een volgende zwangerschap. Onderzoek heeft ook aangetoond dat het verminderen van het aantal keren dat een vrouw in haar leven menstrueert de kans op bepaalde vormen van borstkanker en kanker aan de inwendige voortplantingsorganen vermindert. De meeste kinderen krijgen rond de helft van het eerste halve levensjaar behoefte aan andere voeding naast borstvoeding. In de loop van de tweede helft van het eerste levensjaar beginnen de meeste kinderen wat meer vaste voeding te eten. Borstvoeding en veel bij mama zijn blijven in die tijd en tot ver in of voorbij het tweede levensjaar belangrijk. Moedermelk blijft een waardevolle melkvoeding met een hoge voedingswaarde in de hele baby- en peutertijd. Het drinken aan de borst blijft in die tijd naast een goede voedingsbron ook een veilige haven en een bron van troost voor de opgroeiende peuter die de wereld ontdekt.

De terugkeer van de menstruatie en de vruchtbaarheid

Vroeg of laat zal ook bij de moeder die volop borstvoeding geeft de menstruatie terugkeren. Vaak wordt dit voorafgegaan door wat vloeien of een heel lichte bloeding. Soms door een periode van menstruatieachtige krampen. Dit kan worden gezien als waarschuwing dat de vruchtbaarheid terugkeert. In het begin kan de cyclus nog onregelmatig zijn. Als het kind bijvoorbeeld ziek wordt en vaker gaat drinken, kan de menstruatie ook weer een maand uitblijven. Door de hormoonveranderingen kunnen de borsten net voor een menstruatie gespannen en gevoelig zijn. De hoeveelheid melk kan wat teruglopen en anders smaken, waardoor de baby wat onrustiger drinkt of een enkele keer de borst kan weigeren. Bij ongeveer een op elke vijf of zes moeders vindt er een ovulatie (eisprong) plaats voor de eerste menstruatie. Onderzoek toonde aan dat de kans om dan gelijk al zwanger te worden slechts 6% is. Aan de andere kant kan het ook gebeuren dat er tussen de eerste en tweede menstruatie geen eisprong was. Maar al met al betekent de terugkeer van de menstruatie wel dat de vruchtbaarheid ook terug is of snel zal zijn. Ouders die op dat moment geen nieuwe zwangerschap wensen, zullen dan dus op andere manieren van anticonceptie moeten overgaan.

De terugkeer van de vruchtbaarheid in enkele culturen

Bij de Afrikaanse !Kung stam drinken baby’s en peuters ongeveer elk kwartier twee minuten. Deze moeders worden gemiddeld na ongeveer 35 maanden weer zwanger. Bij Nederlandse moeders keert de vruchtbaarheid meestal veel sneller na de geboorte weer terug. Er zijn niet veel Nederlandse moeders die zo lang en zo vaak de borst geven als veel van bijvoorbeeld hun Afrikaanse plattelands collega’s. Na enkele maanden gaan veel moeders weer werken en worden enkele voedingen per dag gekolfd. Een flink aantal kinderen krijgt ook al ver voor de 6 maanden andere melk of vaste voeding aangeboden. <afbeelding melkvoeding peiling TNO 2015> Bovendien is hier het voedingspatroon veel rijker door de grote hoeveelheid eiwitten en vaak ook vetten in het dagelijkse menu. Veel vrouwen zijn dan al binnen het eerste half jaar weer voor het eerst ongesteld. Bij westerse vrouwen die ecologisch borstvoeding geven keert de vruchtbaarheid gemiddeld tussen 12 en 16 maanden weer terug. In Rwanda (Midden Afrika) werden volgens een onderzoek geen voorbehoedmiddelen gebruikt, terwijl er ook geen taboe rustte op gemeenschap na de bevalling. Bij de vrouwen die kunstvoeding gaven maakte het niet uit of zij in de stad of op het platteland woonden; beide waren even snel weer vruchtbaar. Bij vrouwen die borstvoeding gaven lag dat anders. In de stad wonende moeders lieten hun kind al snel incidenteel onder de hoede van een ander achter en 75% van hen werd tussen zes en vijftien maanden weer zwanger. De plattelandsvrouwen hielden hun kind altijd bij zich en 75% van hen werd pas tussen 24 en 29 maanden weer zwanger.

Borstvoeding en anticonceptie

Borstvoeding beïnvloedt de vruchtbaarheid. Hoe sterk die beïnvloeding is, is afhankelijk van de allerlei factoren. Een vrouw die op een natuurlijke manier borstvoeding geeft, heeft een kans van 1% dat zij in de eerste zes maanden voor de eerste menstruatie zwanger zal worden. Na die zes maanden kan het paar kiezen voor de aanwijzingen voor natuurlijke familieplanning om de kans op zwangerschap zo klein te houden. Ook ander manieren voor het uitstellen of voorkomen van een volgende zwangerschap zijn mogelijk tijdens de periode dat de moeder een kind aan de borst heeft.

LAM – lactatie amenorroe methode

Het drinken aan de borst stimuleert de aanmaak van prolactine en oxitocine en remt de aanmaak van hormonen (GnRH) die voor de ovulatie zorgen. Als na verloop van tijd het kind minder vaak, minder lang of met grotere tussenpozen gaat drinken, zal GnRH weer meer kans krijgen en zal de ovulatie weer terugkomen. De betrouwbaarheid van het uitblijven van de vruchtbaarheid door het geven van borstvoeding wordt voornamelijk door drie factoren bepaald. Als eerste is het belangrijk dat de moeder volledig borstvoeding geeft. Als tweede dat er vanaf twee weken na het einde van de kraamzuivering geen bloedverlies is opgetreden en als derde is de hoogste betrouwbaarheid beperkt tot de eerste zes maanden na de geboorte van het kind. Uitsluitend borstvoeding geven betekent dat het kind behalve de melk van zijn moeder niets anders krijgt, ook geen water. Uit onderzoek is gebleken dat de betrouwbaarheid minder wordt als de baby niet direct aan de borst drinkt, maar de melk afgekolfd krijgt. In de praktijk blijkt dat naarmate moeder en kind meer in elkaars nabijheid zijn, de betrouwbaarheid van de LAM methode over het algemeen toe neemt.

het condoom

Er zijn condooms voor mannen en condooms voor vrouwen. Het gebruik van het condoom heeft geen enkel effect op de borstvoeding of omgekeerd. Het is redelijk betrouwbaar middel, mits juist gebruikt. Het gebruik van een zaaddodend middel verhoogt de betrouwbaarheid. Het vrouwencondoom moet goed aangemeten worden. Na de bevalling kunnen de maten en verhoudingen in de vagina en rond de baarmoedermond veranderd zijn, dus het vrouwencondoom van voor de zwangerschap past mogelijk niet meer goed.

het spiraaltje (IUD)

Een koperspiraaltje heeft geen invloed op de borstvoeding. Er zijn aanwijzingen dat het geven van borstvoeding het gebruik van een spiraaltje minder veilig maakt. Zo zou er een 10 keer zo groot risico zijn op baarmoeder perforatie en afstoting. Mogelijk is dit een reactie op het vrijkomen van oxytocine tijdens het voeden van een kind. Er zijn ook spiraaltjes die hormonen afgeven om de werking te ondersteuning. De meningen over de veiligheid voor het kind of de melkproductie zijn verdeeld. Over het algemeen gaat men ervan uit dat de hormonen alleen plaatselijk vrijkomen en werken en dat er slechts weinig van in de bloedbaan komt. Zeker wanneer het pas wordt geplaatst als de borstvoeding goed is gestabiliseerd is het niet te verwachten dat er een negatieve invloed op de melkproductie zal zijn.

hormonale anticonceptie

Een kleine hoeveelheid van de hormonen van de anticonceptiepil komen in de melk en de baby terecht. Waarschijnlijk kan dit voor de baby geen kwaad. De hormonen in orale anticonceptie kunnen een remmende werking hebben op de melkproductie en kunnen de samenstelling van de melk licht wijzigen. Dit is vooral het geval als de pil al kort na de bevalling wordt genomen, voor de melkproductie goed is zeker gesteld. Voor de borstvoeding is het het veiligst om zeker niet voor zes weken na de bevalling, maar liever pas na enkele maanden te beginnen. Zware combinatiepillen (met oestrogeen en progesteron) kunnen ook na de eerste maanden een negatief effect op de borstvoeding hebben. Een minipil met enkel progesteron is voor de borstvoeding veiliger, maar moet zeer zorgvuldig worden genomen om veilig te zijn. Hormonale anticonceptie kan ook de vorm hebben van een onderhuids implantaat. Bij deze methode is een vrij constante, lage afgifte van progesteron. Door de lage hoeveelheid progesteron in onderhuidse implantaten iets veiliger bij borstvoeding dan de geslikte varianten.

Dan hoor je het ook eens van een ander

Je hoort het aan alle kanten: hulpverleners die een verweesde, achtergelaten of ramp-overlevende baby de borst geven. Een alom te horen aaahhh en ooohhhh prijst de lacterende hulpverleenster de hemel in. (Begrijp me niet verkeerd: ik vind het geweldig wat die vrouwen doen; in een zelfde situatie zou ik zelf geen moment aarzelen hetzelfde te doen.) Poosje terug was het een Chinese, nu is het een Colombiaanse politieagente. En er zijn meerdere van dit soort meldingen langsgekomen in de loop van de tijd, inclusief die van een Amerikaanse filmster op Unicef missie. Ik verwonder me soms over de verschillende manieren waarop gereageerd wordt op borstvoedingsitems. In dezelfde serie tweets waar de Colombiaanse agente meermaals wordt geroemd, staat er ook eentje over Victoria’s Secret, die anti-borsten-zijn-voor-borstvoeding is.

a1c60a1fe3eea6580f7f24466e248283De toevallig lacterende politieagente wordt een superheldin, de moeder die in -of all places- een lingeriewinkel haar eigen kind voedt is een sletterig onderkruipsel. Wanneer door een foutje van een hardwerkende verpleegkundige een paar baby’s worden verwisseld en de kindjes niet hun eigen borst aangeboden krijgen, is de wereld te klein voor de volkswoede. Een volkswoede niet eens vanwege het omwisselen van de baby’s, wat ik persoonlijk veel en veel erger vind, maar omdat ze een niet bloed-eigen borst in de mond krijgen. De superheldin wordt de hemel ingeprezen voor het voeden van een zielige baby, maar wie een vrouw, bij wie om enige reden de borstvoeding niet zo lekker loopt, donormelk adviseert loopt het risico dat de meute met hooivorken, veren en pek achter ze aankomt.

62ecccc616c1c7a8cacbf9a3fed0d092In een wereld waar vrouwen er niet bloot en sexy genoeg bij kunnen lopen wordt een moeder, die discreet haar baby zijn lunch aanbiedt, virtueel met modder besmeurd, en naar achterkamertjes, steegjes en de toiletten verbannen. Film- en andere sterren kunnen praktisch naak over de rode loper gaan en er worden vereerd en aanbeden, een moeder die haar kind eten geeft wordt verzocht zichzelf van een tent te voorzien.

07977991c42403445577d91bca0013ddEn al dat commentaar komt van anderen, nooit van de meest betrokken persoon, het kind, zelf. Je hoeft het niet van een ander te horen om te weten dat het de baby worst zal weten waar hij zit en wat er allemaal te zien is als hij de borst krijgt. De baby die door omstandigheden niet de borst of de melk van zijn eigen melk kan krijgen zal heus niet klagen als hij dan een andere borst of melk van een andere moeder krijgt.

Neem het nu maar eens van mij aan (dan hoor je het ook eens van een ander) dat een vrouw die een kind (welk kind dan ook) borstvoeding (of haar melk) geeft geen heldin is, maar ook geen slet, geen madonna, maar ook geen onbeschaamde exhibitionist, geen heilige, maar ook geen gifmenster. Het is gewoon een vrouw die voor een kind zorgt op de manier die voor haar is ontworpen. Niets meer. Niets minder. Gewoon, een vrouw die een kind voedt en koestert.

Het overgrote deel van alle mensen accepteert donorbloed en donororganen, zelfs over donorzaad en donoreitjes wordt nauwelijks meer moeilijk gedaan. Maar donormelk is vies. Of te intiem. Of wat dan ook. Ik kan er met mijn verstand niet bij.

Symboliek

Zolang de mens kan praten en tijd vrij heeft voor iets anders dan eten zoeken en opeten en zichzelf veilig houden, vertellen mensen elkaar verhalen. De oudste bewijzen hiervoor zijn de illustraties bij jacht verhalen of jacht rituelen: de grotschilderingen. Voor de uitvinding van het schrift in enige vorm waren verhalen de manier om de geschiedenis bij te houden, inde vorm van vertellen wat mensen hadden meegemaakt. Waarschijnlijk werd het al snel ook een manier om dingen te verklaren. Verhalen kunnen dan worden gezien als een hypothese ter verklaring van onbegrepen zaken over elven en dood, over natuurverschijnselen en menselijk gedrag. Verhalen zitten daarom vaak vol met symboliek. Mythen en sagen, legenden en leringen staan over het algemeen vol met archetypen. Personages met een symbolische functies. Deze archetypen worden ook in de psychologie gebruikt en in droomduiding. Volksmenners , opstandsleiders en revolutionairen maken er ook gretig gebruik van (titelfoto: Mockingjay is in de persoon van Katniss Everdeen (Jennifer Lawrence) in The Hunger Games het symbool voor het omverwerpen van de onderdrukkende macht).

BVbioSymboliek wordt ook graag en veel gebruikt in de marketing. Met een symbool of een archetype hoef je als reclamemaker geen heel verhaal meer te vertellen, het symbool vertelt dat verhaal. Omdat dit aansluit bij de archetypen die in ons collectieve bewustzijn verankerd zijn, werkt dit erg sterk. Deze symbolen hoeven geen plaatjes meer te zijn, ook woorden kunnen die rol vervullen. ‘Groen’ en ‘bio’ zijn tegenwoordig van die zinnebeeldige woorden. Ze staan voor alles wat goed en gezond en milieu beschermend is. Plak het woord Bio op je product en de hele wereld is ervan overtuigd daarmee een goed, gezond en verantwoord product te gebruiken. Terwijl in feit het woord bio volkomen symbolisch is. Het is de macht van de symboliek omgezet in geld. Ik schreef hier eerder al uitgebreid over in Bio, over die claims dat er zoiets bestaat als biologische kunstmatige zuigelingenvoeding.  Ik hoopte daarmee wat mensen wakker te schudden, maar mijn bereik is kennelijk nog niet groot genoeg. Ik werd sinds het verschijnen ervan al weer diverse keren in discussies getrokken. Over wat dan de beste kunstvoeding is als je onverhoopt iets anders nodig hebt om je eigen melk aan te vullen of te vervangen. Of je dan maar niet beter geitenmelk kunstvoeding kunt nemen of bio-kunstvoeding? Behalve in Bio heb ik al hier en hier en hier en hier uitgebreid antwoord gegeven op die vragen. Een enkele keer ragen lezers dan om wetenschappelijke onderbouwing van die blogs, dat zou ze ‘geloofwaardiger’ maken. Dat het gewoon algemeen wetenschappelijk basiskennis is en lactatiekundige basiskennis doet kennelijk niet ter zake. Maar nu snap ik het ineens. Ik moet met symboliek gaan werken, met archetypen. Ik moet een Mockingjay gaan verzinnen. Een vrijheidsstrijder die ons gaat verlossen van de onderdrukkende grootindustrie onderdrukking. Daar moet ik nog even op studeren.

Mijn vraag aan jou: Wat zou een mooi symbool voor deze vrijheidsstrijder kunnen zijn? En waarom? En hoe zou zoiets vorm kunnen krijgen?

Alternatieve genezers aangepakt

Drie berichten over kwaliteit van zorg. De eerste de aankondiging dat minister Schippers de alternatieve genezers beter wil controleren op kwaliteit, de volgende van de antikwakkers vereniging die dat een slecht idee vindt, en de derde van een oud-inspecteur die vindt dat de controle ook op reguliere zorgverleners wel wat beter aangepakt kan worden, omdat daar ook nog van alles mis is.

Vanaf 1 januari zullen ook alternatieve genezers en cosmetische chirurgen op kwaliteit worden gecontroleerd. En gaan ze over de schreef, dan kunnen hun praktijken worden gesloten door de Inspectie voor de Gezondheidszorg. {…} Een goede zaak, zegt gezondheidsminister Edith Schippers:  Ook alternatieve genezers worden nu aangepakt Vereniging tegen de Kwakzalverij niet blij met nieuwe kwaliteitsinspecties – BNR Nieuwsradio De eerste helft van zijn loopbaan was Jan Vesseur huisarts en daarna maakte hij carrière bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Tot hoofdinspecteur aan toe: 12 december | Kwaliteit van zorg door de ogen van de patiënt – BNR Nieuwsradio

Zomaar drie berichten over kwaliteit en controle. Ik vind de mening van de antikwakker erg interessant. ‘Als je iets controleert, erken je het en dan zouden mensen wel eens kunnen gaan geloven dat het ook echt werkt.’ Maar, beste meneer Antikwak, mensen geloven al dat het werkt, anders zouden er niet zo heel erg veel complementaire zorgverleners zijn. Wat dat betreft voel ik meer mee met de emeritus inspecteur die vindt dat de zorgconsument veel meer in te brengen moet hebben in (de controle op) het zorgsysteem. Want, wat de minister en de reguliere zorgverleners ook denken en verkondigen: zorg gaat niet om en niet over de zorgverleners, maar om de zorgvragers. Of iets werkt of niet, wordt niet bepaald door wetenschappelijke onderzoeken, maar door de ervaring van de patiënt. Als de patiënt denkt, voelt of merkt dat het hem beter gaan na behandeling, dan werkt die behandeling. Ook wanneer het op placebo-effect berust. Lang leven het placebo-effect; dat is namelijk een ander woord voor de zelfgenezingskracht van de mens.

De wetenschap mag zich, wat mij betreft, voor het grootste deel bepalen tot het onderzoeken van eventuele gevaren en risico’s van om het even welke behandeling. Daar valt nog een boel eer te behalen, zowel in de reguliere als in de complementaire zorg. Het on-professioneel en on-wetenschappelijk handelen van zorgverleners is ook geen monopolie van de alternatieve zorgverlener. Er zijn voorbeelden te over van onveilig en onwetenschappelijk werkende artsen en andere reguliere zorgverleners. Ik denk aan een zekere neuroloog, om maar een voorbeeld te noemen. Of aan een onderzoek waaruit bleek dat hoe hoger opgeleid de zorgverlener hoe slechter het met de handhygiëne is gesteld. Statistisch gezien.

De obsessie van de huidige gemiddelde reguliere arts met evidence based leidt ertoe dat er een ontstellend gebrek aan theoretische basiskennis is over een aantal onderwerpen. Uiteraard denk ik dan aan borstvoeding. Borstvoeding is zwaar ondervertegenwoordigd als het gaat om onderzoek volgens de huidige gouden standaard voor wetenschappelijk onderzoek. Dat heeft enkele redenen. Ten eerste zijn er weinig financieel belanghebbenden die daar geld in willen steken. Ten tweede is het vrijwel onmogelijk om bij het voeden van een kind dubbelblind te werken en randomiseren is onethisch, dus is er weinig onderzoek en zijn er weinig ”evidence based” behandelmethoden. Dit gebrek aan bewijs wordt dan veelal geïnterpreteerd als bewijs van gebrek. Dit begint al voor er problemen te behandelen zijn, namelijk bij de vraag of borstvoeding überhaupt er toe doet. Maar het (die obsessie met evidence based) voorkomt dus ook dat zorgverleners een goede theoretische basiskennis hebben en op basis daarvan kunnen beredeneren hoe iets werkt en of het werkt. Dan zijn er ook nog aspecten als altijd gaan voor de quick fix en het behandelen van symptomen in plaats van oorzaken en een algeheel ontkennen van het belang van borstvoeding. (Eenzelfde verhaal kan ik ophangen over een fysiologische zwangerschap en baring)

Het is duidelijk: ik vind hier iets van. Of over.

En jij? Wat vind jij?

Laat het me eens weten.

Pinda- of notenallergie door borstvoeding? 

Een gastblog door collega Stefan Kleintjes. De eerste alinea hieronder, voor de rest ga ja naar de oorspronkelijke publicatie 1 muisklik verder. Onderaan vind je nog verwijzingen naar mijn eerdere blogs over allergie.

Aanleiding voor publicatie van dit verhaal is de publicatie van een incompleet mediabericht: ‘Vaker notenallergie na uitsluitend borstvoeding’. Dit onderzoek uit Australië zou uitwijzen dat het exclusief borstvoeding geven, dat wil zeggen zonder bijvoeding de eerste zes maanden, de kans op het krijgen van een notenallergie vergroot. Zou dit betekenen dat vrouwen beter géén borstvoeding meer kunnen geven? Of dat bijvoeding al heel vroeg nodig is? Hoe moeten we dit onderzoek nu zien? We doen een poging het onderzoek en het fenomeen pinda-allergie in relatie tot borstvoeding te doorgronden. Lees verder: Borstvoeding.com: kenniscentrum voor borstvoeding | bijvoeding-na-zes-maanden| Allergie | Pinda- of notenallergie door borstvoeding? Waar of niet waar?

Over allergie schreef ik ook al een en ander, zoals hier op dit blog en daar op het oude blog.

Schone schijn

Toen ik gisteren door het bos fietste bedacht ik me dat het eigenlijk een schone schijn was, dat stukje bos, want minder dan honderd meter aan mijn linkerkant lag een industriestrook. Het inspireerde me tot dit vlog over schone schijn en de schijn ophouden en waarom dat bij borstvoeding een slecht idee is.

Uitknop

Dr. Hamilton shows how to calm a crying baby. This technique has been utilized by Dr. Bob to quiet infants during office visits. Parents have learned it and have experienced great success at home. You can too.

Op Facebook [2-12-15] deelde ‎Astara Lieuw-On‎ haar frustratie over dit filmpje met me: Aaaarrrgggh. Ik dacht dat die Harvey Karp methode wel voldoende debunked was inmiddels maar er zijn nog meer van die enge dokters die baby’s instincten effectief tegen ze gebruiken. Word ik zeer verdrietig van!

Inès Bonné antwoordde: Wat zou er dan mis zijn met deze manier van troosten? Welke reflex zou men hier gebruiken? Als kindjes krampjes hebben wordt deze manier toch vaak aangehaald? Ik gebruik hem ook, maar dan met mijn hand op haar buikje ipv haar armpjes te kruisen tegen haar borst. Natuurlijk pak je je kindje eerst, probeer je met wiegen, … Maar als niets helpt dan liever dit dan een overstuur kindje

Ik heb ook zo mijn bedenkingen bij deze methode. Ten eerste is er weer een dokter die de oplossing denkt te bieden in iets dat in feite geen medisch issue is, maar meer iets wat thuishoort bij de opvoeding en de psycho-emotionele ontwikkeling. Moeders hebben zich, over de hele wereld en zolang de mens bestaat, beziggehouden met baby gedrag. Traditioneel werd deze kennis overgedragen van vrouw op vrouw. In samenlevingen waar kinderen standaard worden gedragen en het overgrote deel van hun tijd doorbrengen in direct lichaamscontact emt een mens, komt huilen om te beginnen weinig voor. Als het voorkomt is de eerste troost oppakken, aan de borst, wiegen, zingen, … . Altijd iets wat het kind dicht bij een ander mens houdt in een goed ondersteunde positie. Dat is gelijk mijn volgende grootste bezwaar tegen deze methode: het is een afstandelijke manier van doen. Het kind bungelt met het grootste deel van zijn lijf niet ondersteund ergens in de lucht op bijna een armlengte afstand van degene die hem vasthoudt. Vliegtuigje spelen wordt ooit nog wel leuk, maar een zo kleine baby heeft echt volledige steun nodig. Hij kent letterlijk zijn eigen grenzen nog niet en heeft aanraking nodig om die te verkennen.

De methode van Harvey Karp is een stuk erger, die heeft een reëel risico om schade toe te brengen, maar dit blijft ook afstandelijk. Ik zou liever zien dat hij eerst de ouders leert om lichaams- en oogcontact met hun kind te maken als hij zich niet lekker voelt of verdrietig is en dit soort oplossingen te bewaren voor als meer lichamelijk nabije manieren van troosten niet werken. Ik kan niet goed zien of de baby echt ontspant of dat hij in stand-by gaat. Wat ik wel even erg vind als bij Hervey Karp is dat zijn doel is de baby stil te laten worden en braaf te zijn (this is a good baby). Wat nodig is is troost, menselijke nabijheid, liefde. Wat niet nodig is is een uitknop.

0_0_0_0_422_302_csupload_55628530

Bij het verzamelen brengt het paard de achterhand omlaag en meer onder het lichaam, buigt de gewrichten en komt het zwaartepunt dichter bij de aarde. dit verbetert onder aandere zijn evenwicht en kracht

Het kruisen van de armpjes over de middellijn helpt het kindje zich ”te verzamelen” (een term uit de paardensport, ik vind even geen betere). Het brengt hem bij zichzelf en geeft zijn grenzen weer. De voorover houding met de heupen lager dan het hoofd is een houding die de neurologie (en daarmee de reflexen) stimuleert, maar daarbij wil je bij voorkeur alles goed ondersteunen, niet enkel de borst en het bekken. Die vooroverliggende houding zien we terug bij Biological Nurturing, maar het bungelen van het halve lijf ”in thin air” werkt een goede reflexwerking tegen en kan juist gevoelens van onzekerheid opwekken. Daarbij worden de armen wel gekruist over het midden., maar ook gefixeerd. Vrije armbeweging is een belangrijk onderdeel van de reflexsystemen. Al met al dus redelijk verwarrend, vandaar ook mijn twijfel hierbij, vooral indien onoordeelkundig en te pas en te onpas toegepast. In de omgang met het heel jonge kind werk je altijd liefst vanuit de fysiologie en die fysiologie verwacht dichte lichamelijke nabijheid en veiligheid.

De houding die bij krampjes wordt gebruikt houdt de baby met het hele lichaam gesteund op de onderarm van de drager. Weliswaar bungelen dan de beentjes en de armpjes, maar het lijf heeft steun. Ook geen ideale houding, maar bij buikpijn helpt het wel, door de druk op en bewegende massage van de maag en darmen. Dan is er een ander doel, namelijk het verminderen van de pijn en het ongemak, niet de uitknop gebruiken om het huilen te stoppen. Ik denk dat ik die uitknop nog het ergste vind. Algemene conclusie: Deze methode vergroot de letterlijke en emotionele afstand tussen ouder en kind, past niet binnen responsief ouderschap (want het doel is die uitknop en niet het kind geven wat hij nodig heeft wanneer hij dat nodig heeft) en biedt het kind geen veiligheid. In uitzonderlijke gevallen, waarbij andere, meer responsieve en includerende, manieren niet  of onvoldoende werken, en er geen oorzaak voor het huilen is gevonden die kan worden weggenomen, kan het een tijdelijke oplossing zijn, die kindvriendelijker is dan de SSSSS methodes of de laat-maar-huilen aanpak.

torsodragenTer aanvulling: In culturen waar kinderen traditioneel worden gedragen en dag en nacht in dicht lichamelijk contact zijn met een ander mens, komt huilen heel weinig voor. Opvallend is dat in vrijwel alle traditionele draagmethodes kinderen volledig gesteund worden, zonder los rondhangende of fladderende onderdelen. Deze methodes worden nog steeds gebruikt. Op deze foto leert Melissa [torsodragen.bereka.nl] hoe je op deze manier een kind veilig draagt.

Stukjes over troosten en uitknoppen op het oude blog en hier &nbsp;